BOEST geeft FrieslandCampina een enorme boost

BOEST geeft FrieslandCampina een enorme boost

Een bedrijf als FrieslandCampina is het bijna aan zijn stand verplicht om duurzaamheid hoog in het vaandel te hebben. “Wij betrekken dit begrip niet alleen op onze voedingsproducten,” zegt projectmanager Antje Zwierenberg, “maar ook op onze bedrijfsvoering en medewerkers.

We besteden gerichte aandacht aan duurzame inzetbaarheid van onze medewerkers. Niet omdat ons ziekteverzuim hoog is, want dat is het niet. Maar onze medewerkers hebben wel een behoorlijk hoge gemiddelde leeftijd en een deel van hen doet redelijk zwaar lichamelijk werk. In een snel veranderende organisatie bovendien, wat werkdruk met zich meebrengt. We wilden waarborgen dat zij met gericht gezondheidsmanagement gezond blijven tot – en na – het einde van hun arbeidzame leven.”
FrieslandCampina uniformeerde bestaande gezondheids- en verzuimprogramma’s, maar wilde ook ontwikkelen richting preventie.
Aan die wens lag een gezondheidsbeleidvisie tot 2020 ten grondslag. Het past in de visie van FrieslandCampina op duurzame inzetbaarheid van haar medewerkers, het Fit4Work2020-programma. “Gezondheidsbeleid is een gedeelde verantwoordelijkheid voor werkgever en werknemer,” legt interim healthmanager Sabine Stam uit. FrieslandCampina betrok haar bij de opzet van het energiemanagementprogramma voor de medewerkers. Op basis van ‘vrijwillig, maar niet vrijblijvend’. “Het werkt niet om dit als een verplichting op te leggen. We hebben dus bewust in een vroeg stadium al de ondernemingsraad bij onze plannen betrokken en het programma als een ‘cadeau’ aan de medewerkers aangeboden.”

BOEST

 

Integraal programma

FrieslandCampina maakt gebruik van het werkgeversproduct Present van Zilveren Kruis Achmea, waarmee bedrijven worden ondersteund in hun gezondheidsbeleid, inhoudelijk en met funding. “We hebben gekozen voor het energiemanagementprogramma van Lifeguard. Dit programma zit in de providorboog van Present,” zegt Stam. “Tijdens het traject zijn extra interventies opgenomen in Present, waardoor Zilveren Kruis Achmea inhoudelijk en met funding heeft ondersteund. Lifeguard biedt een programma van zes maanden waarvan de verschillende onderdelen goed op elkaar afgestemd zijn. De lengte van zes maanden biedt het beste uitgangspunt om tot blijvende gedragsverandering te komen bij mensen. En het is een integraal programma waarin de aspecten fysiek, mentaal en sociaal-emotioneel allemaal aan bod komen.” Dit programma voldeed ook aan de voorwaarden voor ESF-subsidie. De SOL heeft FrieslandCampina hierbij geholpen.

Pilot

Gekozen werd voor een pilot op twee Amersfoortse kantoorlocaties met een hoge werkdruk: twee afdelingen van het hoofdkan- toor en een locatie in Leeuwarden waar ook in ploegendiensten wordt gewerkt. Een belangrijke voorwaarde: 80 procent van het managementteam moest meedoen, plus twee or-leden. 365 medewerkers hebben het programma gevolgd.
“Communicatie was essentieel,” zegt Stam. “Het moest duidelijk zijn dat het niet verplicht was en dat het geen afvalprogramma was.” En het programma had een goede naam nodig, vult Zwierenberg aan. “Die vonden we in BOEST en dat bleek een gouden greep. Het is inmiddels een werkwoord geworden. ‘Ik BOEST’, zeggen mensen, en ‘BOEST jij mee’.” Het woord werd – mét de grappige afbeelding van een getekende koe – geïntroduceerd via een vakantiekaart die alle beoogde deelnemers aan de pilot in de bus kregen. Daarna volgden workshops met Lifeguard om uit te leggen wat energie is en hoe je daaraan kunt werken. “Natuurlijk wilden wij ook graag weten wat het effect van het programma zou zijn op het ziekteverzuim,” zegt Matti Paulissen, senior adviseur gezond ondernemen bij Zilveren Kruis Achmea. “Maar FrieslandCampina wilde dit niet omdat het echt een positieve insteek moest hebben en over energie moest gaan. Wij hebben toen gezegd: neem die ruimte maar.” Zwierenberg: “Dat was belangrijk voor ons. We wilden ruimte bieden om vrijwillig iets te doen aan het slaappatroon of tegen de werkdruk die mensen voelen. Stel je voor dat je je eigen energie nu een 7 geeft en dit kan een 8 worden. Dat zou toch fantastisch zijn? Wat dit betreft sluit BOEST perfect aan op ons Fit4Work 2020-programma.”

Trots

Iedereen die aan de pilot meedeed, bracht via een onlinevragenlijst zijn eigen energieniveau in kaart en had als intake fysieke tests met een coach. “Op basis hiervan werden persoonlijke doelen bepaald om energie te winnen,” zegt Stam. “Iedereen kreeg een persoonlijke BOEST-map om zijn ontwikkeling bij te houden, en het programma en de communicatie eromheen werden zo opgezet dat het echt zes maanden onder de aandacht bleef. Kernaspecten in het programma waren energiemanagement, slaap, dagritme en omgaan met druk.” De resultaten zijn langs twee lijnen geëvalueerd: met een eigen vragenlijst van FrieslandCampina en met een vragenlijst plus outtake bij Lifeguard. Hoewel de eigen vragenlijst behoorlijk uitgebreid was, heeft 72 procent van de pilotdeelnemers die volledig ingevuld. “Ze gaven het programma gemiddeld een 7,6 en 63,1 procent gaf het een 8 of hoger,” zegt Zwierenberg. “Daar zijn we trots op. Van alle deelnemers beveelt 94 procent BOEST aan voor collega’s. De deelnemers hebben samen ongeveer duizend grote of kleine veranderingen gerealiseerd en maar liefst 99,6 procent geeft aan door te zullen gaan met werken aan zijn vitaliteit. Punt van aandacht is dat we nog sterker moeten inzetten op een actieve rol van de leidinggevenden.” De Lifeguard-evaluatie was al even positief. De uitval bedroeg slechts 8 procent en die was voor het grootste deel te verklaren uit uitdiensttreding of ziekte. “Een echt hard resultaat is dat de deelnemers hun veerkracht verbeterd hebben van een 5,9 naar een 6,8,” zegt Zwierenberg. “Dit blijkt uit de fysieke testen.”

Toolbox

Paulissen noemt het mooie resultaten en voegt hieraan toe: “Daar investeren wij graag in. Het goede van deze pilot was dat mensen hierin echt hun eigen doelen konden stellen. Het ging dus niet alleen om afvallen of meer bewegen, maar kon ook betrekking hebben op doelen als een betere nachtrust krijgen of meer tijd voor de kinderen hebben.” De belangrijke vraag is natuurlijk: hoe nu verder? Om te beginnen zijn de resultaten teruggegeven aan de individuele medewerkers die aan de pilot hebben meegewerkt. De stuurgroep die bij de pilot betrokken was, heeft de aanbeveling gedaan dit format ook aan andere onderdelen binnen FrieslandCampina in te gaan zetten. “Eén afdeling heeft al direct aangegeven dit programma heel graag te willen gaan doen,” zegt Stam. “Ons advies om het niet te verplichten blijft hierbij onverminderd van kracht. Wel hebben we het advies gegeven erop in te zetten dat ieder jaar 30 procent van de medewerkers deelneemt. Zo zorg je voor voortzetting over meerdere jaren en inspireer je de mensen die het programma nog niet hebben gevolgd. We hebben een toolbox voor afdelingen die ermee aan de slag willen.”

 

Bron: HRPRAKTIJK.nl